Nationale Onderwijsgids

NOG Bachelor-masterstructuur

Opleidingen in het wetenschappelijk onderwijs van Nederland kennen de bachelor-masterstructuur. De bachelor-masterstructuur is ingevoerd om opleidingen in Europa beter op elkaar aan te laten sluiten en te kunnen vergelijken. Wanneer een student een bachelor haalt aan een universiteit in Nederland, kan een aansluitende vervolgopleiding in ieder land binnen de EU worden gevolgd. 

Bachelor

Een bachelor-opleiding in het wetenschappelijk onderwijs heeft doorgaans een studielast van 180 studiepunten, verspreid over 3 jaren. De bachelorfase staat in het teken van de academische vorming, waarbij studenten vaardigheden en vakkennis leren en leren analyseren op academisch niveau. De keuzeruimte is bedoeld voor de persoonlijke inrichting, waarin talent, belangstelling en ambitie kan worden vormgegeven. Afronding van de bachelorfase van de studie leidt tot de titel bachelor, gevolgd door een deel dat specifiek is voor de studie, zoals 'Bachelor of Arts' (BA), 'Bachelor of Laws' (LLB) en 'Bachelor of Science' (BSc). Na afronding van de bachelor kan de student ervoor kiezen om de arbeidsmarkt te betreden, of om een master te volgen.

Master

Na afronding van het bachelordiploma kunnen studenten doorstuderen middels de masteropleiding en zich op die manier verder specialiseren. Deze masterfase kan, afhankelijk van de opleiding, één tot 3,5 jaar duren. De meeste masters duren echter één jaar. Universitaire masters richten zich op de wetenschap, het bedrijfsleven of een maatschappelijke functie. Mensen die de masteropleiding succesvol hebben afgerond, krijgen de titel master, plus de toevoeging van de afgeronde studie. Er zijn daarbij drie varianten, de 'Master of Arts' (MA), 'Master of Laws' (LLM) en 'Master of Science' (MSc). Ook de titels doctorandus (drs.), meester (mr.) en ingenieur (ir.) zijn nog mogelijk. De afgestudeerde kan zelf kiezen of hij of zij de internationale of de Nederlandse titel wil voeren. Een master geeft toegang tot het volgen van een promotie-traject.

Joint degree

Universiteiten en hogescholen hebben sinds de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW), die in 1 juli 2010 werd doorgevoerd, de mogelijkheid om in samenwerking met één of meer Nederlandse of buitenlandse hogescholen of universiteiten de zogenaamde joint degree-opleiding te starten. Deze opleiding geeft de mogelijkheid tot het afgeven van een gezamenlijk diploma of graad. De overheid wil met deze vorm van opleidingen de internationale samenwerking tussen instellingen in het hoger onderwijs verstevigen. In een joint degree-opleiding kunnen studenten internationale ervaring opdoen door een deel van de studie in het buitenland te volgen. Daarnaast kan met behulp van de joint degree de kwaliteit van het onderwijs van de verschillende instellingen worden vergroot, door goede gebruikmaking van elkaars expertises.
 
Postinitiële masteropleiding (PIM)
 
De postinitiële masteropleiding (PIM) is een hbo-masteropleiding voor studenten met een ruime hoeveelheid werkervaring. Postinitiële masteropleidingen zijn commerciële opleidingen, zoals bijvoorbeeld de Master of Business Administration (MBA). Studenten dienen doorgaans een afgeronde opleiding in het hoger onderwijs (hbo of wo) te hebben om een PIM te kunnen volgen. De opleiding verdiept de kennis op het gebied waarin de student al werkzaak is (geweest) en biedt hem of haar zo meer mogelijkheden tot verder ontplooiing op het werkgebied. Afhankelijk van de soort opleiding, krijgt de student bij afronding van de postinitiële master de graad Master of Science (MSc) of Master of Arts (MA).
 
Summer school
 
Veel universiteiten organiseren gedurende de zomer 'summer schools'.  Voor studenten is een summer school een gelegenheid om zichzelf te verbreden of te verdiepen. Zij kunnen kiezen uit diverse cursussen en kunnen in veel gevallen hiermee ook studiepunten verdienen.
 

© Nationale Onderwijsgids