Normal_male-student-reading-from-a-book-2023-08-31-22-57-54-utc
Onderzoekers Camille Welie en Maarten de Korte van Levende Talen Tijdschrift willen nieuwe hbo-studenten onderwerpen aan een woordenschattoets bij het begin van het schooljaar. Uit onderzoek blijkt namelijk dat de academische woordenschat een indicator is voor tekstbegrip, leesstrategieën en leesmotivatie. Deze elementen hebben volgens de wetenschappers een grote impact op het studiesucces van studenten. Dit meldt ScienceGuide.
Bij het lezen van een tekst moet men minstens negentig procent van de gebruikte woorden kennen om de tekst volledig te kunnen begrijpen. Volgens onderzoeken bestaan studieteksten vervolgens voor vijf tot tien procent uit academische woorden. Terwijl deze woorden weinig gebruikt worden in de reguliere taal, leidt een beperkte academische woordenschat tot het niet volledig begrijpen van een tekst.
 
Een brede woordenschat speelt ook een belangrijke rol bij leesstrategieën. Hierbij moet een lezer niet alleen de woorden en betekenissen kunnen herkennen, maar moet diegene ook de betekenis kunnen afleiden uit de context, het vaardig kunnen bijstellen van woordbegrip en de tekst kunnen samenvatten.
 
Verder speelt tekstbegrip een grote rol bij de leesmotivatie. Wanneer een individu vaardig is in het begrijpen van teksten, wordt het zelfvertrouwen verhoogd. Maar wanneer de leesvaardigheid beneden peil is, kan dit leiden tot een vermindering van leesactiviteiten. In dit proces worden de elementen door elkaar beïnvloed. Zo zal een hogere motivatie leiden tot meer lezen en vervolgens tot een grotere woordenschat, waarbij het groeiende vocabulaire zal leiden tot meer motivatie.

Verschillen

Uit het onderzoek bleek dat er een groot verschil zit tussen de groep met een grotere academische woordenschat en de studenten met een gelimiteerde vocabulaire. Terwijl de eerste groep voor het samenvatten een score haalde van 4,82 uit zes, haalden de anderen een 2,55 uit zes. Voor het contextueel definiëren van woorden was de eerste groep studenten tussen de 69 en 93 procent succesvol. Bij de groep met een beperkte woordenschat was het percentage tussen de 29 en 57 procent.
 
Ook bij de categorie leesstrategieën was een verschil te merken. Zo waren studenten met een beperkte woordenschat langer bezig met taal, terwijl de andere groep meer naar de inhoud keken.
 
Het blijkt dus dat een verrijkte academische woordenschat niet alleen een positieve invloed heeft op de gehele leesvaardigheid, maar ook op de leesmotivatie en -processen. De onderzoekers pleiten er dan ook voor om een woordenschattoets af te nemen bij eerstejaars, zodat zij met passende ondersteuning hun studie succesvol kunnen afronden.
 
Door: Nationale Onderwijsgids / Marian van Reesch