Helaas komt het voor dat leerlingen niet altijd laten zien wat ze werkelijk kunnen. Ze presteren (veel) lager dan op grond van hun capaciteiten verwacht kan worden. Dit verschil tussen vermogen en prestatie wordt ook wel onderpresteren genoemd. Onderpresteren wordt in eerste instantie misschien veelal geassocieerd met hoogbegaafdheid, maar het komt op alle niveaus voor. Wanneer een gemiddelde leerling zwakker presteert dan is er ook sprake van onderprestatie. Bij hoogbegaafde leerlingen zie je wel dat zij zich vaker aanpassen aan een lager gevraagd klassenniveau om er niet bovenuit te steken en dan bijvoorbeeld op te vallen.

Bij onderprestatie wordt er wel gesproken van relatieve en absolute onderprestatie. Een relatieve onderpresteerder behaalt lagere scores dan op grond van de capaciteiten verwacht mag worden, maar ze liggen nog wel op het klassenniveau. Hierdoor val je niet direct op. Iets wat over het algemeen meer meisjes laten zien. Een absolute onderpresteerder laat resultaten zien die zelfs onder het klassenniveau liggen. Dit komt vooral voor bij jongens.

Hoe ontstaat onderpresteren?
- Het kan zijn dat een leerling werk op school aangeboden krijgt wat ver beneden zijn werkelijke niveau ligt. Hierdoor kan hij/zij zich gaan vervelen en met minder concentratie werken, wat zelfs bij dit werk slordigheidfoutjes kan opleveren. Het is belangrijk dat een leerling leerstof aangeboden krijgt op passend niveau. 
- Hetzelfde geldt voor de instructie die in de klas gegeven wordt. Deze is vaak afgestemd op de gemiddelde leerling, waardoor de wat verder gevorderde leerling af kan haken en denkt dat hij/zij het al begrijpt. Wanneer er dan toch iets nieuws voor hem/haar wordt uitgelegd, krijgt hij/zij dit ook niet mee en heeft vervolgens dus onnodig toch moeite met de uitvoering van de taak.  
- Wat bij relatief onderpresteren gebeurt, is dat een leerling niet willen opvallen en anders gezien wil worden dan de rest, waardoor het mindere presteren als een soort van verdedigingsmechanisme wordt ingezet.  
- Wanneer de leerkracht niet wil zien wat de individuele leerling kan en dit op een positieve manier aandacht geeft, kan dit negatieve gevolgen hebben voor de prestaties van de leerling. 
- Door bovenstaande zaken waarbij de leerling negatieve ervaringen opdoet op school en bijvoorbeeld ook in de relatie tussen hem/haar en de leerkracht en zelfs met de rest van de klas, kan er grote weerstand tegen school ontstaan.
 
De gevolgen van onderpresteren
- De eerste gevolgen die zichtbaar zijn in de klas bij de onderpresteerder zijn mindere concentratie, een laag werktempo en weinig nut zien in de opdrachten die hij/zij op school moet doen, waardoor hij/zij ze dan ook vaak niet doet. 
- Een groep van deze leerlingen gaat zich zo vervelen dat ze storend gedrag gaan vertonen in de klas en last krijgen van gedragsproblemen. 
- Het kan ook zijn dat het onderpresteren zelf nog niet gezien wordt, maar dat de leerling wel zichtbaar niet goed in zijn/haar vel zit en psychische en of fysieke klachten heeft.
 
Begeleiding bij onderpresteren
Belangrijk is dat onderpresteren wordt erkend door de leerkracht en ouder(s). Maar in het algemeen geldt dat het belangrijk is dat de leerkracht een leerling laat merken dat hij/zij er mag zijn en dat hij/zij wordt gezien in wat hij/zij doet. Ook zoals eerder al genoemd werd, is het belangrijk dat de taak/opdracht aansluit bij het niveau van de leerling en wanneer de leerling al ver boven het didactische niveau zit, kan er gedacht worden aan het aanbieden van verrijkingsstof en activiteiten die aansluiten bij de eigen interesse. Hierbij kan soms ook een groepje gevormd worden, zodat de leerling samen met andere gelijkgestemden competenties kan inzetten, delen en van elkaar kan leren.
 
Weet de leerling hoe hij/zij moet leren? Leren leren kan ondersteund worden door een studievaardighedentraining en of studiecoaching. Niet altijd lukt het om het onderpresteren van een leerling op de school gemakkelijk te onderkennen en vervolgens aan te pakken. Belangrijk is wel dat hier vroegtijdig aandacht aan wordt besteed, zodat er een passende vorm van onderwijs en samenwerking wordt geboden, voordat het een vast, blijvend gedragspatroon is geworden en de leerling bijvoorbeeld al naar het voortgezet onderwijs gaat. Wanneer je als ouder(s) er met de school niet zelf uitkomt, kan je denken om de Orthopedagogische Praktijk Maltha in te schakelen voor een didactisch onderzoek. Ook kan Maltha Studiecoaching passende begeleiding bieden. 
 
© Nationale Onderwijsgids