School gewaarschuwd door College voor de Rechten van de Mens om gebedsverbod
Een islamitische leerling zoekt in haar vrije tijd rustige plekken op school om te bidden, omdat er geen stilteruimte is. Op een gegeven moment grijpt de conrector in als de leerling aan het bidden is, omdat zij volgens de school de doorgang voor andere leerlingen zou blokkeren. Daarnaast weigert de school een stilteruimte in te richten, met een beroep op neutraliteit. De leerling legt de kwestie voor aan het College en vraagt of haar school haar discrimineert vanwege haar geloof. Dat meldt het College voor de Rechten van de Mens.
Het verzoek van de leerling bestaat uit twee onderdelen. Namelijk de vraag of haar school verboden onderscheid op grond van godsdienst heeft gemaakt door haar niet toe te staan te bidden op school; en door te weigeren om een inclusieve stilteruimte in te richten.
Gelijke behandelingswetgeving
De Nederlandse gelijke behandelingswetgeving verbiedt onderscheid op grond van gedragingen die direct te maken hebben met iemands geloofsovertuiging. Ook een openbare school die neutraal is, is aan deze regels gebonden, zo heeft het College ook in eerdere oordelen vastgesteld.
Bidden op school
Hoewel het College in deze zaak niet kan vaststellen dat op enig moment sprake was van een algemeen verbod om te bidden op school, staat wel vast dat de conrector op een bepaald moment heeft ingegrepen terwijl de student aan het bidden was.
De school stelt dat de conrector ingreep om te zorgen voor een goede doorgang op de plek waar de leerling aan het bidden was. Zij zou namelijk de doorgang blokkeren voor andere leerlingen op de door haar gekozen plek.
Het College vindt de uitleg van de school onvoldoende. De leerling geeft aan dat zij steeds een plek zocht waar zij anderen niet tot last was. De school heeft dit niet overtuigend weersproken. Ook heeft de school niet voldoende kunnen uitleggen dat de leerling op het moment van ingrijpen de doorgang voor anderen blokkeerde en dat zij niet anders kon dan ingrijpen op het moment dat de student aan het bidden was. Daarom oordeelt het College dat de school direct onderscheid op grond van godsdienst maakt.
Inclusieve stilteruimte
Tijdens hetzelfde schooljaar vraagt de student aan de school om een ruimte in te richten waarin zij kan bidden. Een medeleerling start een petitie voor het inrichten van een inclusieve stilteruimte. Deze petitie wordt 235 keer ondertekend. Er vindt een gesprek plaats met de leerling, de medeleerling en de rector, waarin de rector vertelt dat het is toegestaan om op school te bidden en dat zij de wens voor een inclusieve stilteruimte verder zal onderzoeken. Uiteindelijk neemt de rector het besluit om geen stilteruimte in te richten.
De school stelt dat het niet haar taak is om een aparte gebedsruimte in te richten vanwege het openbare karakter van de school. De school wil neutraal blijven en iedere leerling gelijk behandelen. Het inrichten van een inclusieve stilteruimte zou daaraan afdoen, omdat de school verwacht dat deze ruimte in de praktijk alleen zal worden gebruikt door islamitische leerlingen. Hiermee zouden deze leerlingen volgens de school een privilege verkrijgen ten opzichte van andere leerlingen.
Islamitische leerlingen
Het College concludeert dat er geen sprake was van organisatorische problemen om een stilteruimte in te richten, maar dat in dit geval vooral de verwachting dat uitsluitend islamitische leerlingen gebruik zouden maken van zo’n ruimte ertoe heeft geleid dat zij dit heeft geweigerd. Het College benadrukt dat zelfs als alleen islamitische leerlingen gebruik zouden maken van een stilteruimte om te bidden, het hier gaat om leerlingen die uitdrukking willen geven aan een godsdienstige overtuiging. Uitdrukking kunnen geven aan een godsdienstige overtuiging is geen privilege, maar een fundamenteel mensenrecht.
School maakt onderscheid op grond van godsdienst
Het College oordeelt dat de school direct onderscheid maakt op grond van godsdienst, door bij het besluit om geen stilteruimte in te richten expliciet te verwijzen naar de geloofsovertuiging van islamitische leerlingen. Daarbij is van belang dat het verzoek juist ging om het inrichten van een inclusieve stilteruimte die beschikbaar zou zijn voor iedereen die daar behoefte aan heeft.