Studenten met visuele beperking blijven vastlopen door slecht toegankelijk digitaal onderwijs
In het hoger onderwijs ervaren studenten met een visuele beperking nog altijd grote drempels door slecht toegankelijke digitale leermiddelen. Hoewel het probleem al jaren bekend is en technisch eenvoudig kan worden opgelost, ontbreekt structurele wetgeving en handhaving. Daardoor hangt toegankelijkheid vaak af van de inzet van individuele docenten of instellingen. Dit meldt BNNVARA.
Hardnekkige digitale obstakels
Uit onderzoek van de Oogvereniging uit 2024 blijkt dat bijna twee derde van deze studenten te maken heeft met ontoegankelijke digitale leeromgevingen. Dat leidt tot studievertraging, stress en soms zelfs uitval. Veelgebruikte systemen bevatten knoppen zonder labels, onlogische menu’s en onderdelen waar schermlezers op vastlopen. Ook studiemateriaal vormt een probleem: pdf’s zonder tekstlaag, presentaties die alleen in de les zichtbaar zijn, toetsen die laat of onduidelijk worden gedeeld en afbeeldingen of grafieken zonder beschrijving. Studenten moeten bovendien telkens opnieuw uitleggen welke ondersteuning zij nodig hebben.
Niet alleen een probleem voor blinden en slechtzienden
Ook studenten die moeite hebben met prikkelverwerking, concentratie of motorische handelingen lopen tegen dezelfde digitale barrières aan. Toegankelijkheid blijkt dus breder relevant dan alleen voor mensen met een visuele beperking.
Internationale afspraken, maar weinig verplichtingen
Nederland ondertekende in 2016 het VN‑verdrag Handicap, dat gelijke toegang tot onderwijs en digitale informatie voorschrijft. Toch is dat verdrag nauwelijks vertaald naar concrete regels voor het hoger onderwijs. De Europese Toegankelijkheidswet (EAA), die sinds juni 2025 geldt, verplicht digitale diensten toegankelijk te maken, maar onderwijs en zorg vallen in Nederland buiten die wet.
Tweede Kamerlid Don Ceder (ChristenUnie) wil dat veranderen. Hij diende in 2024 een motie in om de EAA ook voor onderwijs en zorg te laten gelden en vindt dat Nederland te veel vertrouwt op vrijwillige afspraken, waardoor kwetsbare studenten in de knel komen. Hoogleraar digitale toegankelijkheid Eric Velleman stelt dat duidelijke wetgeving wél effect zou hebben.
Reacties uit politiek en onderwijs
Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap zegt het belang van toegankelijk vervolgonderwijs te onderschrijven en verwijst naar lopend onderzoek. Over de motie van Ceder wordt nog gesproken.
De Vereniging Hogescholen en Universiteiten van Nederland erkennen dat er stappen worden gezet, maar dat studenten nog te vaak afhankelijk zijn van maatwerk en individuele voorzieningen. Ook de betrokken hogescholen reageren op de situatie van de geïnterviewde studenten.
Belangenorganisatie IederIn benadrukt dat toegankelijk onderwijs haalbaar is, maar dat heldere, afdwingbare regels noodzakelijk zijn.