Normal_copyright_stockfreeimages_wetenschap_tekenen_wiskunde_economie

De 11.700 individuele vragen die in totaal zijn ingediend voor de Nationale Wetenschapsagenda zijn in het juryproces teruggebracht naar 248 hoofdvragen. Op 5 juni heeft de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) haar juryrapport ingeleverd bij de stuurgroep die de Nationale Wetenschapsagenda ontwikkelt. Dat meldt de KNAW.

In de maand april kon iedereen vragen stellen aan 'de wetenschap'. Gezien het enorme aantal vragen is besloten om niet iedere vraag afzonderlijk te beoordelen op bruikbaarheid voor de Nationale Wetenschapsagenda. In plaats daarvan is er gekomen om clusters van vragen samen te stellen en voor elk van die clusters een overkoepelende, leidende vraag te formuleren. In dit proces zijn drie criteria gehanteerd. Zo moesten de hoofdvragen onderzoekbaar zijn binnen tien jaar, uitdagend en grensverleggend zijn en passen bij een sterke Nederlandse onderzoeksgroep of overtuigend aanleiding vormen om zo'n onderzoeksgroep op te bouwen.

In totaal nemen vijf jury's elk een breed wetenschappelijk gebied voor hun rekening, te weten geesteswetenschappen, levenswetenschappen, natuurwetenschappen, sociale wetenschappen en technische wetenschappen. De overkoepelende vragen zullen besproken worden tijdens de conferenties op 16,17 en 18 juni in Den Haag. De resultaten van deze conferenties zullen de basis vormen voor de Nationale Wetenschapsagenda.

© Nationale Onderwijsgids