- Voorpagina
- Kinderopvang
- Kwaliteit en veiligheid kinderopvang
Kinderopvang
Kwaliteit en veiligheid kinderopvang
Ouders zijn zelf verantwoordelijk voor de opvoeding en het welzijn van hun kinderen. Maar de kwaliteit en veiligheid van de kinderopvang is primair een zaak van de aanbieders van kinderopvang. De overheid controleert op hoofdlijnen of de aanbieders hun verantwoordelijkheid waarmaken.
Volgens de Wet kinderopvang zijn ondernemers in de kinderopvang verplicht ‘verantwoorde kinderopvang’ aan te bieden. Dit is kinderopvang die bijdraagt aan een goede ontwikkeling van een kind in een veilige en gezonde omgeving.
Deze globale eis in de wet is uitgewerkt in de ‘Beleidsregels kwaliteit kinderopvang’ als onderdeel van de Wet kinderopvang.
Kwaliteitseisen voor verantwoorde kinderopvang
De basiseisen voor verantwoorde kinderopvang zijn:
- Het kindercentrum moet aantoonbaar aandacht besteden aan het aantal beroepskrachten in relatie tot het aantal kinderen per leeftijdscategorie, de groepsgrootte en de opleidingseisen van de beroepskrachten.
- De voertaal moet in principe Nederlands zijn.
- Het kindercentrum moet de ouders informeren over het beleid.
- Er moet een risico-inventarisatie veiligheid en gezondheid zijn.
- De kinderopvangondernemer moet met de ouders een schriftelijke overeenkomst afsluiten.
- Elk kindercentrum of gastouderbureau is verplicht een oudercommissie in te stellen.
Meer informatie over kwaliteit in de kinderopvang vindt u onder Vraag en antwoord.
Controle door gemeente en overheid
De gemeente is verantwoordelijk voor het toezicht op de kwaliteit van de opvang. De GGD voert regelmatig inspecties uit. De overheid is verantwoordelijk voor het landelijke toezicht hierop.
Sinds de Wet kinderopvang is alle formele opvang verplicht zich bij de gemeente te melden. De GGD controleert voor gemeenten de opvang. Zonodig pakken gemeenten kindercentra en gastouderbureaus die tekort schieten aan. De wet geeft daarvoor verschillende handhavingsinstrumenten (bijvoorbeeld een bestuurlijke boete of een exploitatieverbod).
Inspectierapporten
Voor meer informatie over een specifiek kinderdagcentrum of gastouderbureau kunnen de inspectierapporten van de GGD worden opgevraagd. Deze zijn openbaar. Het rapport is op te vragen bij het kinderdagverblijf, de buitenschoolse opvang, het gastouderbureau en bij de gemeente.
Klachten ouders over kinderopvang
Ouders kunnen met klachten over de kinderopvangorganisatie terecht bij de klachtencommissie waarbij de kinderopvangorganisatie is aangesloten. Welke klachtencommissie dat is, staat in de klachtenregeling. Bij conflicten tussen een oudercommissie en het bestuur van een kinderopvangorganisatie bemiddelt een landelijke klachtenkamer.
Ouders kunnen via een oudercommissie invloed uitoefenen op de kwaliteit en organisatie van de kinderopvang. De belangen van ouders en die van de leiding van de kinderopvang kunnen hierbij botsen. De Stichting Klachtencommissie Kinderopvang heeft met subsidie van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap de klachtenkamer opgericht.
Veiligheid kinderopvang
Met de invoering van de Wet kinderopvang zijn kinderopvangorganisaties zelf verantwoordelijk voor een gezonde en veilige omgeving. Dit betekent dat iedere kinderopvangorganisatie een risico-inventarisatie veiligheid en gezondheid moet uitvoeren. De risico-inventarisatie dient als basis om de omstandigheden voor de kinderen te verbeteren en om te stimuleren dat het personeel en de kinderen adequaat met de risico’s omgaan.
Verslag veiligheids- en gezondheidsbeleid
Daarnaast moet iedere kinderopvangorganisatie jaarlijks inzicht geven in het veiligheids- en gezondheidsbeleid aan de hand van een verslag. Zo staat in het verslag wat er het afgelopen jaar op het gebied van veiligheid is gebeurd en wat komend jaar op de agenda staat. Het verslag is openbaar voor de ouders van de kinderopvang. Ook is het bestemd voor de toezichthouder (GGD-inspecteur).
Methode Consument en Veiligheid voor de kinderopvang
Stichting Consument en Veiligheid heeft een methode voor veiligheidsmanagement ontwikkeld, in samenwerking met het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) en GGD Nederland. In 2005 is het instrument geïntroduceerd bij alle kinderopvangorganisaties. Ondersteuning bij gebruik van het instrument is gegeven via regionale bijeenkomsten en trainingen.
Risico-inventarisatie uitvoeren
Met de methode kan de kinderopvangorganisatie een risico-inventarisatie uitvoeren. De ondernemer kiest vervolgens zelf welke risico’s aangepakt worden en verwerkt dit in een actieplan. De methode biedt oplossingen gericht op een veilige omgeving, veilig gedrag of toezicht. De methode bevat verder een ongevallenregistratielijst, een checklist brandveiligheid en een voorbeeld-ontruimingsplan. De materialen zijn gratis te downloaden.
Consument en Veiligheid ondersteunt kinderopvangorganisaties onder meer via een helpdesk, via de website en door het aanbieden van trainingen.


















